Mindanao en Leyte
Okee, ik geef het eerlijk toe. Terwijl de lente bij jullie om de hoek komt kijken, regent het hier al de hele middag. Pijpenstelen. En de afgelopen dagen heb ik ook mijn portie nattigheid gehad. Het is niet altijd paradijs in het leven van de backpacker. Het rotweer heeft ook een voordeel: nu kan ik mooi een nieuw verhaaltje schrijven zonder me schuldig te voelen dat ik binnen zit. En ik heb weer genoeg te vertellen.
Mijn vorige blog schreef ik vanuit Cagayan de Oro, een universiteitsstad ter grootte van Den Haag in het noorden van het eiland Mindanao. Zoals ik al schreef, laten veel toeristen Mindanao links liggen. Een belangrijke reden hiervoor is dat het eiland regelmatig negatief in het nieuws komt. Hoewel het merendeel van de Filipino's katholiek is, leeft op Mindanao een aanzienlijke groep moslims, ook wel 'Moro' genoemd. De Moro strijden al sinds de Spaanse onderdrukking voor onofhankelijkheid. Rebellengroepen, waaronder het Moro Islamic Liberation Front (MILF, zonder dollen) en Abu Sayyaf, plegen zo nu en dan aanslagen en ontvoeren regelmatig buitenlanders om losgeld. Klinkt niet als de ideale vakantiebestemming.
Gelukkig is Mindanao een bergachtig eiland zo groot als Portugal, en beperken de problemen zich slechts tot enkele uithoeken en een eilandengroep voor de kust van Mindanao. Ik hoefde me geen zorgen te maken, aangezien ik slechts in het veilige noorden van Mindano zou reizen. Mijn eerste bestemming alhier was echter om een andere reden recentelijk negatief in het nieuws: de tropische storm Sendong hield hier in december flink huis. Overstromingen in en rondom Cagayan de Oro hebben aan honderden mensen het leven gekost. Op het eerste gezicht was hier weinig van te merken, maar de verhalen van locals en tentenkampen in de grotere parken van de stad spraken boekdelen.
Iets leukers waar Cagayan om bekend staat, is de mogelijkheid om te raften. Iets wat ik zelf natuurlijk ook even heb uitgeprobeerd. Daarnaast was het erg leuk om rond te struinen door de stad, met name vanwege de levendige avondmarkt op de vrijdag en zaterdag. Barbecuestalletjes en kledingverkopers namen op die avonden het centrum van de stad over en op een groot podium werd live muziek gespeeld. Erg sfeervol allemaal!
Andere backpackers kwam ik eigenlijk nauwelijks tot niet tegen in Cagayan de Oro. Wel raakte ik al rondstruinend in contact met een groepje studenten, die namens Amnesty International een handtekeningenactie voerden voor de Reproductive Health bill. Dit wetsvoorstel, dat gaat over het recht op anticonceptie en gezondheidszorg voor moeder en kind, is in dit overwegend katholieke land een heet hangijzer. Met een explosieve bevolkingsgroei en een economie die op zijn zachtst gezegd al decennia lang niet helemaal lekker gaat, zou een beetje geboorteplanning echter niet verkeerd zijn. Desalniettemin kan het nog wel even duren voordat dit wetsvoorstel wordt aangenomen.
Maar genoeg over politiek, er is in Mindanao ook een hoop moois te zien. Vanuit Cagayan de Oro vertrok ik met de bus richting Balingoan, om daar een veerboot naar het eiland Camiguin te nemen. Dit eiland is bezaaid met vulkanen en ziet er vanaf het vasteland indrukwekkend uit. De boottocht erheen was minstens zo indrukwekkend: een klein groepje dolfijnen zwom een tijd lang pal naast de boot!
Camiguin is geen groot eiland: een rondje langs de kust is zo'n 65km lang. Ideaal om op een gehuurde tweewieler rond te touren. Voordat ik het wist reed ik dan ook met backpack en al op mijn gehuurde schakelbrommer, op weg naar mijn hostel. Dit was voor mij een primeur en in het begin was het eventjes een geklooi met de versnellingen, maar al snel genoeg vloog ik op mijn pijlsnelle gele Honda van de ene naar de andere kant van het eiland.
Net als in Cagayan de Oro viel het op Camiguin niet mee om reismaatjes te vinden. Om het eiland niet helemaal alleen te hoeven verkennen, boekte ik nog diezelfde avond een tocht voor de volgende dag. Ik wilde graag de vulkaan Mount Hibok Hibok (1320m) beklimmen en gelukkig was ik niet de enige. Kathy en Philippa, twee dames uit Engeland, hadden zich ook opgegeven voor de trip. Aldus ging voor de zoveelste keer deze trip mijn wekker al voor 5 uur 's morgens af. In het begin zag het er niet goed uit: regen. Gelukkig zetten we door, en halverwege onze tocht omhoog trok het wolkendek opeens open, zodat we op de top werden beloond met een te gek uitzicht over het eiland en de omgeving. Weer beneden aangekomen konden we in een warmwaterbron heerlijk bijkomen van onze tocht. Dankzij de vulkanische activiteit van de Hibok Hibok komt water van 39 graden uit de grond, wat benut wordt in enkele mooi tussen de bomen aangelegde baden. Genieten, zeker na enkele weken alleen koud gedoucht te kunnen hebben.
De volgende dag ben ik samen met Kathy het hele eiland rondgesjeesd op mijn Honda, met als hoogtepunten een wandeling naar de Tuwasan waterval en snorkelen in een reservaat voor reuzenoesters. 's Avonds waren we uitgenodigd om te komen eten bij Bebot, de gids die ons naar de top van de Hibok Hibok had gebracht. Geheel in Filipijnse stijl, moest na het uitgebreide diner worden meegedaan met karaoke. Ook geheel conform de lokale norm: in de bescheiden woonkamer van de bescheiden woning stond een stel enorme speakers die in de gemiddelde Amsterdamse club nog niet zouden misstaan. Combineer dit met een karaokeset, enkele flessen San Miguel en Filipijnse rum en je snapt waarom het niet meeviel om de volgende ochtend vroeg de veerboot te halen.
Gelukkig lukte dat en na anderhalve dag reizen kwam ik aan op mijn volgende bestemming: Padre Burgos in zuidelijk Leyte. Deze plaats, gelegen aan de mooie Sogod Bay, staat bekend als een goede duikplek. Die reputatie maakte het zeker waar. In vijf duiken, waarvan twee in het donker, heb ik een hoop moois gezien: kristalhelder water, schitterende dropoffs vol koralen en allerlei gekke kleine wezens, zoals zeepaardjes, frogfish en de exotisch ogende flamboyant cuttlefish en wunderpus.
En er was nog een andere reden om naar Sogod Bay te komen: de walvishaai. Een planktonetende haai die tot een meter of tien kan groeien en daarmee de grootste vis is die op onze planeet rondzwemt. Net als in het bekendere Donsol worden in Leyte elk jaar walvishaaien gespot. In Sogod Bay worden de haaien echter niet elk jaar even vaak gesignaleerd. Gelukkig is dit een goed jaar!
Van een andere duiker in Padre Burgos hoorde ik dat een trip om de walvishaaien te spotten het goedkoopst kon worden georganiseerd in het dorpje Sonok, aan de overkant van de baai. En zo kwam het dat ik 's middags aanklopte bij het huis van Pastor Ernesto. Naast leider van een lokale parochie, is hij leider van een groep 'whaleshark spotters' en runt hij een kleine homestay. De volgende ochtend vertrokken we in een kleine motorboot naar het gebied waar de walvishaaien meestal gesignaleerd worden. Achter onze boot werden twee kleine roeibootjes met spotters voortgetrokken. Het plan om vroeg te beginnen en andere boten met snorkelaars voor te zijn viel echter een beetje in het water. In de ochtend was er nauwelijks stroming en dus geen plankton in het water en zwommen de walvishaaien te diep. Na een tijd zoeken en een korte ontmoeting (de haai dook snel naar het diepe) zat er niets anders op dan te wachten tot de stroming zou veranderen. En met succes! Na de lunch, toen er ook enkele andere boten en spotters waren gearriveerd, werd er al snel 'tiki tiki' (Visayan voor walvishaai) geroepen door een van de spotters. Nietsvermoedend sprong ik met mijn snorkel het water in, om plotseling oog in oog te drijven met een meterslange walvishaai. Onbeschrijflijk gaaf! Niet lang daarna werden nog een paar walvishaaien gespot, waarvan de laatste langer dan een uur in het ondiepe bleef rondzwemmen. En dat ondanks het legertje snorkelaars dat er uiteindelijk boven hing. Al met al een onvergetelijke ervaring!
Het verblijf bij Pastor Ernesto was een ervaring op zich. De gastvrijheid van hem en zijn vrouw was hartverwarmend. Echter, ik kan een paar kritische noten niet onderdrukken. Ten eerste bekroop mij na een aantal gesprekken het gevoel dat de opbrengsten van de walvishaai-tripjes niet louter ten goede van het lokale marine reserve komen, terwijl dit wel een beetje zo wordt gebracht. Het leek er soms op dat het uitbreiden van de parochie en het onderhoud van de kerkgebouwen op de eerste plaats komt, en het beschermen van de walvishaaien en ander onderwaterleven op een tweede. Gelet op het feit dat er regelmatig boten van naburige duikresorts langskomen met groepen mensen die een stuk meer betalen dan ik, zag het bezoekerscentrum (lees, afdakje tegen de regen) er onnodig armoedig uit. Desalniettemin biedt het bestaan als 'spotter' een goed alternatief bestaan voor (op zijn minst een klein deel van) de lokale vissers en is het voor hen een goede motivatie om de walvishaaien te beschermen en het plaatselijke onderwaterleven met rust te laten. Het lijkt er dus op dat de activiteit (mits kleinschalig zoals nu) meer goed doet dan kwaad.
Verder begon de bekeringsdrang van de pastor me na een dag al aardig op de zenuwen te werken. Als ware ik een verloren ziel, werd mij keer op keer verteld hoe goed de Heer voor hem was geweest, welke wonderen Hij had verricht en en hoe belangrijk het is Hem in het hart te sluiten. Atheisme valt moeilijk uit te leggen aan een pastor en dat heb ik dan ook maar niet geprobeerd. Aangezien het nogal wat regende was er echter ook geen ontkomen aan de monologen van de pastor. Misschien was dat nog wel mijn grootste bezwaar: veel gepraat, maar weinig dialoog. Na twee dagen vol preken en aandringen om mijn liefde voor Jezus toe te geven, snakte ik naar onzinnige small talk en was ik blij om de homestay het mooie dorpje Sonok achter me te kunnen laten.
Al met al heb ik de afgelopen weken een hoop mooie dingen gezien en beleefd. Dit heb ik mede te danken aan het feit dat ik ervoor heb gekozen iets buiten de populaire backpackerpaden te gaan. Daar kleven echter ook een paar nadelen aan. Naast het duiken en snorkelen met walvishaaien was er in Padre Burgos en Sonok geen hol te beleven, een enkele leuke avond met lokale jeugd daargelaten. Ook heb ik de laatste paar weken nauwelijks leuke reismaatjes ontmoet. Ik heb dan ook zeker een paar eenzame momenten beleefd. Maar ook dat hoort bij het alleen reizen! De oplossing? Een dagje internetten in Tacloban, westerse broodjes en tosti's, een vliegticket naar Manila en een reservering in een vaak volgeboekt backpackershostel in Manila. Op naar het noorden!
Reacties
Reacties
Topperdetop Tom....werken is voor prutsers....shit wat ben ik aan het doen :)
Ha Tom,
Fijn om te horen dat alles goed gaat. Die duikverhalen klinken natuurlijk wel top! Maar begrijp dat je jezelfs ook een beetje bent tegengekomen. Hoort er natuurlijk ook bij, maar goed idee om dan nu de drukte op te zoeken. have fun!!
X Mies
Wauw Tom!!!
Hey Tom! Een schrale troost; ik ben net terug uit Indonesie en daar regende het ook opvallend veel voor de tijd van het jaar, maar terug in nederland kan ik nu zeggen; het weer daar is echt nog altijd beter... helemaal omdat er geen kantoor bestaat ;-)
Ben heel benieuwd naar je verhalen over Manilla en omgeving; heb stiekem al weer gezocht naar tickets richting Manilla dus ik tel je ervaringen graag op bij die van de Lonely Planet.
Kijk je wel een beetje uit met de aziatische zon en de honda-knalpotten met onvoorspelbare acties?
Groetjes, Jon
Jammer dat de pastor je niet kom bekeren Tom;-)
En wij maar denken dat die reuzeschildpadden in Egypte groot waren......
Veel plezier in Manilla!
xxx
Goed verhaal weer, Tom!
Die eenzame momenten zijn zo slecht nog niet is mijn ervaring (in Taiwan was het hetzelfde verhaal). Dát zijn namelijk de momenten dat je alle tijd hebt om na te denken over wat je wil als je terugkomt in NL.
Geniet van alles en binnenkort een keer skypen? xx
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}